Geschreven door: Marleen
Op: 13 december 2023
3 Reacties
Categoriën:

Blåbär

We pakken de draad op bij onze trip naar Nederland in oktober. Over die trip kunnen we kort zijn: die was pittig. Al bij aankomst werden we allebei gegrepen door een vervelend virusje. Naast mijn geplande onderzoeken (waarbij ik op alle mogelijke manieren duizelig werd gemaakt, daar knap je niet van op) kwamen er nog wat flink wat extra medische zaken om de hoek kijken, waaronder een fikse wortelkanaalbehandeling. Tel daar de Nederlandse drukte en het gebrek aan een eigen huis bij op en je zult wel begrijpen dat we niet echt tot rust kwamen.

Gelukkig was er ook voldoende positiviteit. Zo knuffelden we familie en vrienden, waaiden we uit aan zee en aten we alles waar we zin in hadden. We wisselden onze zomergarderobe om voor warme kleding, haalden Joep door de APK, sloegen kaas, pepernoten en hagelslag in, lieten goede winterbanden onder de camper zetten (waar de garage ons verzekerde dat de camper technisch prima in orde is) en gingen bepakt en bezakt weer terug naar Zweden.

Na een onstuimige reis, vol files in Duitsland, harde storm, de hoogste waterstand ooit en een heus weeralarm (‘leave the area!’) besloten we op een veilig ogende plek in Denemarken de boerenkool van m’n moeder op te bakken. Die smaakte bijzonder goed en na een goede nacht reden we de volgende dag rustig Zweden binnen.
’s Middags kwamen we aan bij ons huisje voor de komende tijd, wat luistert naar de naam Blåbär. Het ligt prachtig, middenin het bos. Door de grote ramen heb je het gevoel altijd buiten te zijn. De rust en stilte zijn oorverdovend.

 

Vanuit ons blauwe bessenhuisje verkenden we de directe omgeving. De bossen zijn geweldig, je kunt er úren wandelen. Op 10 minuten lopen is een groot meer, waar je als je dat zou willen een koude duik kan nemen. Er staan hier wat meer huizen in het bos, bijna allemaal vakantiehuizen. Maar om de hoek blijkt er iemand permanent te wonen: de burgemeester. Hij heet Henry, dat staat ook op zijn nummerbord: Henry 2. Henry de tweede is een Duitse man die hier al 18 jaar woont, vandaar dat hij de burgemeester wordt genoemd. Of zichzelf zo heeft genoemd, dat zou ook goed kunnen. Henry heeft ook een hondje: Amstel de tweede. Althans, zo denken wij dat hij heet. Hij lijkt namelijk als twee druppels water op buurthond Amstel uit Noord-Scharwoude (een klein wit beestje dat altijd achter Joep aanzat en ‘m zin z’n kont en poten beet) en blaft minstens net zo schel.
We genieten van de rust, de stilte en nog aanwezige prachtige herfstkleuren. Het is grijs en nat (maar niet zo nat als in Nederland) en het kleinere meertje om de hoek treedt een beetje buiten haar oevers. We wandelen in de geweldige bossen, die me meer dan eens aan Ronja de Roversdochter doen denken, inclusief schreeuwende vogelheksen in de vorm van kraaien. Af en toe moeten we omkeren omdat er te veel water over de paden stroomt.
We vervolgen de huizenjacht. Het blijkt maar weer dat het ene dorpje het andere niet is. Waar het ene dorp geweldig sfeervol en rustig is, blijkt het andere vol fabrieken te staan. Waar de een bestaat uit vakantiehuisjes, loopt er door de ander een wel heel drukke weg (waar wij uiteraard niet voor komen, in tegenstelling tot een Nederlander die tegen ons zei: achter loop ik zo het bos in, voor heb ik lekker een beetje leven voor de deur, heerlijk. Tenminste, dat dachten we dat hij zei, hij was slecht verstaanbaar zo aan de snelweg). We bekijken een oude school, die vrijwel alle bijbehorende grond in bezit blijkt te nemen en stuiten dan opeens op een heel leuk exemplaar. Helaas waren we niet de enigen die daar zo over dachten en liep het storm bij de bezichtiging. We hadden zeker een bod gedaan als Wibo boven wèl rechtop had kunnen staan, als er wèl een goed functionerende badkamer in zat, als de wind niet dwars door de ramen had geblazen en vooral als de vloeren niet zó scheef hadden gelopen dat je er bij iedere stap duizeliger van werd. Helaas was dit niet óns huis.
We ontdekten dat ‘de grote stad’ hier gewoon heel gezellig is in plaats van druistig druk, de teken en hertenvliegen inmiddels verdwenen zijn en waar de uitdrukking ‘geen hand voor ogen zien’ vandaan komt. We zijn blij met de aangeschafte zaklampen en het grote extra licht dat we vlak voor vertrek naar Nederland nog op de camper hebben laten plaatsen. Je kunt eigenlijk niet zonder, zeker niet midden in het bos. Joep is veranderd in een waar nachtdier. Waar hij normaal gesproken het donker altijd liever mijdt, niet wil wandelen en z.s.m. weer naar binnen wil, huppelt hij hier opeens met zijn neus in de lucht voor ons uit. Wellicht heeft het met de geur van wilde dieren te maken die je af en toe hoort ritselen tussen de bomen.
 

We leerden dat, als je iets in de supermarkt maar niet kunt vinden, je naar de diepvriesafdeling moet lopen, werkelijk alles komt hier uit de vriezer.
We kregen meerdere noorderlichtmeldingen maar helaas was het continue zwaarbewolkt, die hardnekkig blijft hangen in ons bos.
We merkten dat het verblijven in een huisje ons goed doet. Het is fijn om even een vaste uitvalsbasis te hebben i.p.v. ons continue te verplaatsen. Leven in een camper is leuk, maar ‘wonen’ op campings, waar mensen toch meestal komen om vakantie te vieren (ja echt), bleek soms best lastig. Wel is in de camper gebleken hoe weinig spullen je eigenlijk nodig hebt. De bescheiden ‘kledingkast’ had nog veel bescheidener gekund.

 

Maar ieder voordeel heb ze nadeel, zo’n mooie plek midden in het bos zorgt helaas wel voor een wat minder goed bereik. Aangezien internet noodzaak is voor Wibo zijn werk geeft dit af en toe wat problemen. Ook bellen lukt niet altijd, zeker tijdens mist of een harde regen- of sneeuwbui is dit lastig. En nou is Ajax niet om aan te gluren de laatste tijd, maar als de verbinding tijdens een wedstrijd steeds wegvalt word ik er niet gezelliger op.
Inmiddels weten we dat het de schuld van de kerk is. We wonen in zgn. ‘kerkbos’ (bos dat eigendom is van de kerk), en die houdt blijkbaar niet van zendmasten. Op het moment van schrijven lijkt het al een tijdje beter te gaan, dus wellicht zijn onze gebeden verhoord.

 

Ook het huizenaanbod valt een beetje weg. In de winter ligt de huizenmarkt vrij stil en in het voorjaar bloeit alles weer op. We houden alles goed in de gaten, maar de focus gaat de komende tijd meer op andere zaken. Eens kijken of we hier in de kou en het donker ook een beetje kunnen aarden. Het vitamine D tekort nemen we maar op de koop toe.
De gekleurde bladeren waren amper van de bomen en de eerste sneeuwvlokken kwamen (half november) al naar beneden. Na een korte herfst zijn we inmiddels in serieus winterweer beland, maar daarover binnenkort meer!

PS. hier nog wat fijne herfstfoto’s omdat we niet konden kiezen.

Volg ons via

En krijg een melding als er een nieuwe blog is

Lees ook deze blogs

Dit zijn vergelijkbare artikelen die binnen de zelfde categorie vallen.

Till Småland

Na onze iets langer dan verwachte ‘vakantie’ was het tijd om af te zakken naar Småland, de omgeving waar we [...] Lees verder

Varför?

Het idee van emigreren is eigenlijk al een beetje gaan borrelen in Nieuw-Zeeland, toen we begin 2013 zeven weken lang [...] Lees verder

Vårvinter

Oftewel ‘lentewinter’, het vijfde seizoen hier in Zweden.(Dat deze blog nogal achterloopt moge duidelijk zijn, we nemen jullie nog even [...] Lees verder

Så kallt!

Na onze eerste witte kerst vloog ik, zoals Wibo al eerder heeft verteld, voor een paar dagen naar Nederland. De [...] Lees verder

3 reacties

  1. Dat is t mooie van jullie jacht , uitvinden wat bij jullie past in dit land. Zeker niet over 1 nacht ijs gaan. Jullie gaan heus wat vinden, je moet er gewoon tegen aan lopen

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *